Berichten geplaatst onder 'Psychologie'
Onder de noemer ‘Tussen seniorentijd en senioriteit’ organiseerde het NIP een negendelige lezingencyclus. Het ging over ouderenbeleid en wat er vanuit de kant van praktijk en wetenschap al bekend is. Op 2 september was het afsluitende seminar in de vorm van een lagerhuisdebat. Aandacht voor ouderenbeleid is belangrijk omdat men verwacht dat er over een paar jaar nog maar één werkzame persoon is per twee steuntrekkende ouderen. Dat is overigens ook precies de verhouding tussen fee-earners en non-fee earners bij het advocatenkantoor van één van de sprekers. Maar vroeger was deze verhouding 1 op 6; op dit moment nog 1 op 4. Het feit dat steeds minder mensen voor meer mensen (financieel) verantwoordelijk zijn, leidt tot de wenselijkheid om meer mensen tot op hogere leeftijd aan het werk te houden.
Hoe dan?
Daar blijken vele visies op mogelijk. Psychologen onderzoeken graag hoe medewerkers langer gemotiveerd kunnen blijven. Hier kwamen heel veel interessante wetenswaardigheden over naar voren, onder meer van Dorien Kooij uit wier promotieonderzoek naar voren kwam hoe oudere werknemers soms door heel andere waarden gedreven kunnen worden dan jongeren.
Zo bewoog het debat tussen het vraagstuk van de aantallen mensen op de arbeidsmarkt naar meer individuele vragen van hoe een oudere medewerker langer gemotiveerd kan blijven. Wat een organisatie er nu concreet mee kan, kwam iets minder prominent aan bod. In de pauze sprak ik een directeur van een verzorgingstehuis die had uitgerekend dat zijn oudere werknemers een lagere opbrengst hadden: zij verrichten minder zorgtaken waardoor er over hun inzet minder gedeclareerd kan worden. Gezien het feit dat hij verwachtte meer en meer oudere werknemers te krijgen, wil hij dit graag veranderen: hij wil ‘zijn’ ouderen niet alleen gemotiveerd houden maar ook hun produktiviteit verhogen.
Is dit een terechte vraag? Jammer genoeg kon het niet meer in het debat worden ingebracht; ik ben wel benieuwd naar de antwoorden die hierop mogelijk zijn.
geplaatst op 6/09/2010 om 13:15
door Flores van Emmerik
Pfff…piekeren is zo vermoeiend. Ergens weet je dat het niet werkt, maar hoe kom je er eigenlijk vanaf? En waarom doe je het eigenlijk? Waarom voel je je zo beroerd? Hoe had je zo stom kunnen zijn? Hoe moet het ooit nog goed komen met jou? Geen wanhoop! In dit artikel leggen we uit waarom je piekert, wat de gevolgen zijn en hoe je ervan af komt.
Wat is piekeren?
Je hebt verschillende vormen van piekeren. Hier hebben we het over piekeren waarbij je vooral focust op je eigen negatieve gevoelens en waarbij je telkens dezelfde negatieve ideeën, vragen, zorgen en gedachten herhaalt. Het gaat om het piekeren over het verleden. Vaak is piekeren ook een verzet tegen negatieve gevoelens. Je wilt er niet aan. Piekeren wordt daarom ook vaak gezien als een (onbewuste) vorm van vermijding: je vermijdt het om je pijnlijke gevoelens er te laten zijn en om je problemen onder ogen te zien.
Waarom piekeren we? Wat zijn de gevolgen?
Vaak denken mensen dat ze, door maar goed te focussen op hun gevoel, erachter kunnen komen wat er met hen aan de hand is. Als ze dat weten, kunnen ze er ook een goede oplossing voor vinden. Ook denken ze zo hun gevoelens beter te kunnen begrijpen. Echter, uit onderzoek blijkt dat dit soort piekeren depressies verergert in plaats van verhelpt (o.a. Just en Alloy (1997). Dat komt door de volgende mechanismen:
- Een te grote preoccupatie met de eigen gemoedstoestand interfereert met het stellen van instrumenteel gedrag. Simpel gezegd: wie te veel denkt, doet te weinig. Met alle negatieve gevolgen van dien. Je krijgt geen succes of beloning, je verliest de controle op je omgeving, je voelt je hulpelozer. Door na te denken over je negatieve gemoedstoestand, denk je ook niet na over mogelijke effectieve oplossingen voor problemen.
- Wanneer je je aandacht richt op je negatieve stemming, herinner je je voornamelijk gebeurtenissen die op één lijn liggen met deze negatieve stemming. Je herinnert je dus vooral negatieve gebeurtenissen, waardoor je depressieve gevoelens alleen maar erger worden, waardoor je nog meer negatieve dingen gaat denken…je zit in een vicieuze cirkel.
- Omdat je je zo focust op je negatieve gevoelens, geef je sneller negatieve (zogenaamde ‘depressogene’) verklaringen voor wat er gebeurt en voor je negatieve gevoelens (bijvoorbeeld ‘Ik voel me zo beroerd, omdat ik niks kan’). Dit versterkt je gevoelens van hopeloosheid en hulpeloosheid.
- Bij het piekeren denk je vaak op abstract niveau. Dat heeft een functie: je vermijdt heel gedetailleerde voorstellingen of herinneringen en de pijnlijke emoties die daarmee verbonden zijn. Op de korte termijn heb je daardoor minder last van pijnlijke emoties, maar op de lange duur verwerk je nare ervaringen minder goed waardoor je klachten verergeren. Veralgemeniseren heeft nog een ander negatief effect: het belemmert ook weer het nadenken over effectieve, concrete oplossingen. Je denkt na over het verleden, waardoor je geen perspectief ziet en geen duidelijk toekomstbeeld creëert en daardoor voel je je nog hopelozer.
Hoe doorbreek je het?
Je ziet dat piekeren in stand gehouden wordt door verschillende vicieuze cirkels. Hoe kun je deze cirkels doorbreken? Dit doe je als volgt:
- Probeer te actiegericht te denken. In plaats van te blijven denken over je negatieve gemoedstoestand, zet je je zorgen op een rijtje en bedenk je mogelijke effectieve oplossingen voor problemen. Durf de situatie onder ogen te zien. Maak het concreet en kom in actie. Niks doen is ook een keuze, namelijk de keuze om stil te blijven staan. In plaats van: ‘waarom is het allemaal misgegaan?’, denk je: wat is er precies aan de hand en hoe kan ik mijn probleem oplossen? Welke stap kan ik nu al nemen.
- Formuleer kleine realistische stappen. Realiseer je daarbij dat er nooit één juiste, waterdichte keuze is. Als je een actie ondernomen hebt, ben je altijd verder gekomen, want je hebt weer nieuwe informatie waarmee je je koers kan bepalen. Niet meer afwachten en je slachtoffer voelen, maar zélf in actie komen. Jij bent zelf verantwoordelijk…..JIJ bent aan zet!
- Wees kritisch tegenover de negatieve conclusies die jij trekt over jezelf en over je problemen. Stel jezelf vragen:
- Klopt deze conclusie? Weet ik dat 100% zeker?
- Wat is het ergste dat er kan gebeuren?
- Hangt mijn toekomst hiervan af?
- Is er iets positiefs dat ik oversla?
- Is het werkelijk zo extreem of zou het meer in het midden kunnen liggen?
- Word je zo overspoeld door je gevoel dat het niet lukt om te relativeren? Herken dan je negatieve gedachten en realiseer je dat dit slechts gedachten zijn en niet DE realiteit. Neem ze niet al te serieus en laat je niet verleiden om er verder op door te gaan. Merk het op als je verstrikt raakt in je gedachten en richt je aandacht vervolgens op iets anders. Het kan bijvoorbeeld helpen om afleiding te zoeken door iets actiefs te gaan doen waar je je beter van voelt (bijvoorbeeld sporten).
- Wees mild tegen jezelf (en anderen). Niemand is perfect. Bekritiseer jezelf niet teveel en sta het jezelf toe om je rot te voelen over iets wat moeilijk of teleurstellend voor je is. Ga na hoe je het beste voor jezelf kunt zorgen. Wees net zo vriendelijk en begripvol als je ook bent tegen een goede vriend(in).
Bron: Gedragstherapie, jaargang 36
geplaatst op 19/08/2010 om 10:48
door Annemiek Ritzen
De nieuwe NCRV serie In Therapie heeft sinds de start op maandag 26 juli 2010 veel gespreksstof opgeleverd. De serie volgt zes weken lang, vijf dagen per week therapeut Paul en zijn cliënten. Sterk script, goed gespeeld, niet realistisch, slaapverwekkend: de meningen lopen nogal uiteen. Reden genoeg om er ook op het Dijk & Van Emmerik weblog aandacht aan te besteden. We nemen een sessie onder de loep.
Wat vorige week tijdens de intake met Aron al naar voren kwam, wordt in het tweede gesprek nog eens extra duidelijk: Aron stelt zich erg dominant op en lijkt Paul als therapeut niet zo serieus te nemen. Zoals Paul het uitdrukt: ‘Jij wilt alleen therapie op jouw voorwaarden’, wanneer Aron commentaar levert op de koffie. ‘Gadverdamme! Paul…! Sorry hoor, maar dit is echt slootwater!’
In dezelfde lijn valt op dat Aron geen antwoord geeft op de vragen die Paul stelt (wat overigens in echte therapiegesprekken regelmatig voorkomt). Onderstaand fragment illustreert dit.
(04:58)
Paul: ‘Wat voelde je, toen je oog in oog stond met de slachtoffers?’
Aron: ‘Hoe zou jij je voelen?’
Paul: ‘Bang… Schuldig.’
Aron: ‘Dat zou een normale zijn reactie geweest (lees tussen de regels: maar ik ben niet normaal, ik ben bijzonder). Ik wist dat dit de meest traumatische gebeurtenis uit mijn leven moest zijn… maar ik voelde helemaal niets. En opeens realiseerde ik me, hoezeer ik deel ben geworden van het systeem!’
Paul: ‘Wat bedoel je met: het systeem?’
Aron: ‘Je moet je voorstellen, er lagen daar mensen: armen, benen afgerukt. Ouders, die in paniek aan het rondrennen waren door dat ziekenhuis, schreeuwend, in de hoop dat hun kinderen het zouden overleven, en dat allemaal door mijn toedoen. En ik weet niet hoe ik het moet zeggen, maar… Voor mij waren het 200 mensen die in rij stonden voor een apotheek.’
Aron bepaalt zelf wat hij wél, en níet vertelt en negeert de vragen van Paul. Dat levert een spannende dialoog op, maar is misschien minder effectief (afhankelijk van de therapeutische bedoelingen en uitgangspunten). Als we de amusementswaarde even loslaten, wat zou Paul als therapeut dan anders kunnen doen? Een alternatief scenario.
Paul: ‘Wat voelde je, toen je oog in oog stond met de slachtoffers?’
Aron: ‘Hoe zou jij je voelen?’
Paul: ‘Waarom wil je dat weten?’
Aron: ‘Zomaar. Dus je wilt geen antwoord geven? Laat maar dan. Wat ik voelde? Ik wist dat dit de meest traumatische gebeurtenis uit mijn leven moest zijn, maar ik voelde helemaal niets.’
Aron snapt de hint en vertelt verder over zijn eigen ervaringen. Dat zou fijn zijn, maar is gezien zijn houding niet de meest realistische verwachting. Een ander alternatief.
Paul: ‘Wat voelde je, toen je oog in oog stond met de slachtoffers?’
Aron: ‘Hoe zou jij je voelen?’
Paul: ‘Waarom wil je dat weten?’
Aron: ‘Is dat gek? Oh, ik snap het al, ik mag zeker geen vragen stellen, dát mag alleen meneer de psychotherapeut. Flauw hoor!’
Paul: ‘Het gaat mij erom dat we ons concentreren op waarvoor jij hier komt, dat we praten over wat voor jou relevant is. Ik probeer te begrijpen hoe het voor jou was om in dat ziekenhuis te zijn. Vind je dat ik lastige vragen stel?’
Aron: ‘Ik vind ze vooral heel erg soft. Hoe voelde dat, pff…’
Paul: ‘Wat zou je een betere vraag vinden?’
Aron: ‘Weet ik veel! Jij bent toch de psychotherapeut?!’
Op dit punt is duidelijk dat Aron zich niet gemakkelijk voegt naar de verwachtingen van Paul en hem probeert uit te dagen. Hoe nu verder? Graag jullie reacties!!
Bekijk de aflevering op http://intherapie.ncrv.nl/ncrvgemist/in-therapie-aflevering-7
geplaatst op 5/08/2010 om 17:20
door Nicoline Hermans
Tijdens mijn vakantie heb ik geprobeerd om de tip van Timothy Ferris over het lezen van boeken te volgen. Altijd twee: een fictie, ter ontspanning en een die op de één of andere manier met werk te maken heeft. Als werkgerelateerd boek koos ik Ziekte in Nederland, van Johan Mackenbach. Gelukkig voor de schrijver, ben ik niet de enige die het gelezen heeft, hier heeft Robbert Huijsman heel goed de strekking van het boek weergegeven. Het draait er om dat preventie van gezondheidsproblemen veel geld kan opleveren maar dat er in het huidige systeem geen prikkels zijn voor organisaties om dit tot speerpunt van beleid te maken. Hoe kun je dit veranderen?
Dat is natuurlijk veel lastiger. Een hele natie gezonder laten leven (en dat als bezuinigingsmaatregel) valt niet mee. Wat ik wel heel interessant vond, is de opvatting dat het al dan niet gezonde gedrag van mensen sterk is te beïnvloeden door omgevingsfactoren. De verantwoordelijkheid ligt bij het individu, maar je kunt natuurlijk wel proberen om de drempel naar gezond gedrag te verlagen. Op mijn eigen manier had ik al eens een oproep gedaan om de ziekenhuiskantine gezonder te maken; als er alleen kroketten zijn, bezwijken veel mensen tussen 12 en 13 hrs.
Bedrijven kunnen er in hun arbo beleid ook een rol in spelen. Ik heb wel eens deelgenomen aan een discussie met een aantal arbo deskundigen waarin dit thema ook werd behandeld: kun je mensen dwingen om gezond te leven of staat de eigen verantwoordelijkheid centraal? Men had de ervaring dat bijvoorbeeld het aanbieden van sportfaciliteiten niet helpt omdat alleen sportieve mensen er gebruik van maken en niet de mensen van wie je het gedrag wilt veranderen. Tenzij je het verplicht stelt, maar dan raak je dus weer erg aan aspecten van privacy. Ik ben er nog niet uit – maar wel is duidelijk dat bevordering van gezond gedrag bij veel organisaties een belangrijk thema is. En als psycholoog denk ik natuurlijk dat je er dan niet bent met het aanbieden van faciliteiten voor gezond leven – nee, je zult er voor moeten zorgen dat mensen het zelf willen. Als die vraag niet wordt meegenomen, zal het beleid mislukken.

We gaan voor een opdrachtgever een bijdrage aan een gezondheidsprogramma leveren en zullen het dan ook vooral vanuit deze psychologische invalshoek benaderen. Tips zijn natuurlijk welkom – we gaan in eerste instantie een training verzorgen over hoe leidinggevenden ongezond gedrag kunnen herkennen en bespreekbaar maken. Ik zou willen dat onze training die leidinggevenden gaat inspireren tot voorbeeldgedrag. Het programma is nog niet klaar dus tips zijn welkom.
geplaatst op 21/07/2010 om 10:40
door Flores van Emmerik
Coachingskandidaten vragen soms om leesvoer, dat is natuurlijk vooral nu, vlak voor zomervakantie, een relevante vraag. Voor iedereen is de vraag natuurlijk verschillend te beantwoorden. Maar vaak gaat het om onderwerpen zoals macht, invloed, onderhandelen, jezelf laten gelden. Wat kun je daarover lezen, in een hangmat aan het strand?
Een klassieker over het onderwerp onderhandelen is ‘Excellent onderhandelen’ van Ury; het is nog ouder dan eerdere successen van het Nederlandse voetbalteam en behandelt het zgn Harvard model van onderhandelen. Is in heel veel situaties nuttig. Maar leuk tijdens vakantie? Ik krijg de tips goed toegepast in Nederland maar had er op de zwarte markt van Zagreb (in 1986) moeite mee (geen succes, eigenlijk).
Een licht boek over macht en organisatiepolitiek: is Hoe word ik een rat van Joep Schrijvers. Je kunt ook naar een van zijn inspiratiebronnen gaan: De Heerser, van Machiavelli; nog ouder dan Ury en ook wel interessanter. En als je nog meer historische voorbeelden zou willen: Historiën van Tacitus is een boeiend verhaal van hoe vier mannen om de keizerskroon in het antieke Rome strijden. Moeilijk om te lezen en in het voorwoord staat zelfs vermeld dat het eigenlijk niet geschikt is voor op het strand (waar ik het wel heb gelezen).
Jezelf laten gelden heeft iets te maken met Asserviteit. Dan kom je snel bij boeken als: beren op de weg, of van een mug een olifant maken.: licht populaire boeken waarin beginselen uit de psychologie worden belicht.
Soms misschien iets te voor de hand liggend, maar zeker waardevol: eskimo’s ijs verkopen; van Pascelle van Goethem, zij noemt zichzelf een ‘stempatholoog’ en geeft ook allemaal goede tips over stemgebruik.
Als je gevoelig bent voor voorbeelden, zou ik een biografie nemen (van iemand die jij bewondert, dus).
Ik heb het gevoel dat ik heel bijzondere boeken onvermeld heb gelaten. Is er iemand die zijn of haar tips zou willen delen?
geplaatst op 7/07/2010 om 19:38
door Flores van Emmerik
Tijdens de begeleiding maak ik vaak gebruik van cognitieve therapie en in het bijzonder RET. Er zijn grofweg vier basisemoties: bang, blij, bedroefd en boos. In deze post wil ik vooral ingaan op boosheid.
Er zijn verschillende soorten boosheid en daarom ook verschillende manieren om daarmee om te gaan. Hier is een aantal thema’s bij boosheid dat ik in de begeleiding veel tegenkom. Wie weet kun je als lezer er je voordeel mee doen.
Verminderd incasseringsvermogen:
Als je een lange tijd erg intensief bezig bent geweest, dan is op een gegeven moment je taks bereikt. Je bent uitgeput geraakt en je kunt er nog maar weinig bij hebben. Alles is teveel en je vreet je overal over op. Je wordt wat cynischer en elk klein ding dat iemand verkeerd doet valt je zwaar. Eigenlijk ken je jezelf als betrokken en vriendelijk, dus het is vreemd dat je nu zo snel uit je slof schiet.
tip: In dit geval is het belangrijk om eerst weer op orde te komen en energie op te doen. Zorg ervoor dat je ontspannende en plezierige activiteiten onderneemt om je energie-reservoir weer aan te vullen. Ook kun je eens kijken naar de redenen waarom je taks bereikt is. Misschien is het nodig om vaker grenzen te stellen en meer aan jezelf toe te komen.
Onmacht en angst:
Geen vat (denken te) te hebben op bepaalde omstandigheden of personen, kan voor veel boosheid zorgen. Je voelt je in het nauw gedreven en daar wordt je boos van. Je partner houdt alweer geen rekening met je bijvoorbeeld. Of er wordt in je werk een belangrijke beslissing genomen waar je niet achter staat.
tips: Vraag jezelf af wat je behoefte is en waarom het zo beladen is als daar niet aan voldaan wordt. Het kan bijvoorbeeld zijn dat je je in wezen ergens onzeker over voelt. Of je bent bang dat je geen gelijk krijgt of niet serieus genomen wordt. Soms kun je ook boos worden vanuit bezorgdheid: je bent bang dat de ander iets ergs overkomt en daar voel je je machteloos over.
Vervolgens helpt het om voor jezelf helder te krijgen welke invloed jijzelf erop kunt uitoefenen. Wat kun je eraan doen om tegemoet te komen aan de behoefte die je hebt? Vaak betekent dit dat je de behoefte die je hebt ook uitspreekt tegenover anderen. Stel je hebt behoefte aan meer rust en tijd voor jezelf, dan zou je vaker kunnen aangeven dat je even niet gestoord wil worden. Of als je je zorgen maakt over iets ergs dat kan gebeuren, dan kun je dat probleem aankaarten en verduidelijken (in plaats van alleen boos te reageren). Door je behoefte te uiten, wordt de kans groter dat mensen daar rekening mee houden.
Wellicht is er ook een deel waar je geen controle over hebt. Die belangrijke beslissing op het werk wordt misschien door de directie genomen en jij zit niet in een positie om er invloed op uit te oefenen. Of je partner heeft minder sterke kanten die hij/zij altijd wel zal blijven houden. Of die ellenlange file blijft… Wat dan? Dan kun je kijken hoe je zo kunt omgaan met het onveranderbare deel, hoe je het kunt hanteren in plaats van veranderen. Hierbij is het belangrijk om mild te zijn voor jezelf: sta het jezelf toe om iets moeilijk en/of zwaar te vinden.
Emotioneel ingrijpende gebeurtenissen:
Nare en pijnlijke gebeurtenissen, zoals onrechtvaardigheden, ziekte, verlies, ontslag, zorgen ervoor dat we ons kwetsbaar en verdrietig voelen. Om je daar tegen te beschermen ontstaat vaak eerst boosheid. Boosheid kan een vorm van ontkenning zijn. We denken: ‘waarom overkomt mij dit’ en ‘dit mag niet gebeuren’.
tips: Voor het verwerken van emotioneel ingrijpende gebeurtenissen kan schrijven helpen. Het geeft ook inzicht in de persoonlijke emotionele impact van gebeurtenissen. Je ziet in wat je het meest raakt. Inzicht in jezelf kan meehelpen om zaken een plek te geven. Praten met anderen is ook behulpzaam vanwege de steun die je krijgt en de uitlaadklep die het biedt.
Hoe zit het met jouw boosheid, beste lezer? Herken jij nog andere thema’s bij boosheid? En heb jij misschien nog tips voor andere lezers die veel met boosheid kampen?
geplaatst op 29/06/2010 om 13:36
door Annemiek Ritzen
Terwijl ik deze post maak, vind onze masterclass Positief denken plaats. Positiviteit en geluk zijn termen waar de laatste tijd veel over wordt geschreven. Ik heb er zelf kort geleden een lezing over gehouden, voor de Emeu. Ik had het toen jammer genoeg te druk om hiervan op deze plaats een verslag te doen, maar nu mijn collega’s zo hard aan het werk zijn, moest ik er opeens aan denken. Vooral aan een vraag vanuit de zaal. Nadat ik de bestanddelen voor geluk (volgens Seligman) had uitgelegd, en overstapte op een door Diener ontwikkeld idee, ontwaarde ik gemor. Diener stelt dat het bezitten van zaken als compassie en vertrouwen in het goede van je medemens, je geluksgevoel verhoogt. Dit is toch eigenlijk wel bijzonder naïef, luidde de tegenwerping. Met als voorbeeld het verhaal van een persoon die met een zielig verhaal aan de deur stond met als bedoeling geld te krijgen. Het zielige verhaal bleek gelogen, de persoon was een oplichter en vertrouwen was dus beloond met geldverlies. Dus de vraag: zijn dat soort begrippen niet veel te vaag en is vertrouwen niet hetzelfde als naïeviteit?
Het laatste wat we willen, is natuulijk dat een door Dijk & Van Emmerik gecoachte persoon te herkennen is aan een gelukzalige glimlach en grenzenloze naïeviteit. Het verschil is natuurlijk dat vertrouwen in het goede van de mens, betekent dat een eventuele oplichter niet van nature slecht is, maar helaas zo gedreven door het lot/de omstandigheden of wat voor reden dan ook. We kunnen er begrip voor hebben (ook als we niet ons geld laten aftroggelen).
Bij mijn lezing stelde dit antwoord niet helemaal tevreden. Wat vinden jullie?
geplaatst op 17/06/2010 om 15:23
door Flores van Emmerik
Op 27 mei 2010 organiseerden we een Eet & Weet bijeenkomst met als thema ‘Samenwerken’. Locatie voor deze bijeenkomst was de 23e verdieping van het ABN AMRO hoofdkantoor aan de Zuidas — voor sommige aanwezigen al voldoende reden om te komen. Zeker geen verkeerde reden, want zowel uitzicht als catering waren zeer de moeite waard.
Centraal tijdens de avond stond de vraag wat politiek en bedrijfsleven van elkaar kunnen leren op het gebied van samenwerken. Onder vaardige en authentieke leiding van politicus en bestuurder Duco Adema gingen vertegenwoordigers van politieke partijen en bedrijven met elkaar in gesprek. Een interessante uitwisseling van ideeën en meningen was het gevolg, waarbij ook de aanwezige gasten een actieve bijdrage leverden.

Voor wie deze inspirerende bijeenkomst gemist heeft, een kleine impressie:
‘Ik stel duidelijke kaders en geef medewerkers heel veel ruimte om deze kaders in te vullen’, Jeanette Kalfsterman in antwoord op de vraag hoe zij samenwerken bewerkstelligt bij KPN/Getronics.
‘In bedrijven werk je samen omdat je dat wilt, in de politiek omdat het moet’, Marijn Ornstein (VVD raadslid Amsterdam en Manager Security Policy op Schiphol) schetst het verschil tussen politiek en bedrijfsleven.
‘Een duo-functie in bedrijfsleven én politiek maakt de reactie van Den Haag bij incidenten voorspelbaar, dat is prettig’ nogmaals Marijn Ornstein.

‘Ik hoop dat Marijn en ik elkaars favoriete vijand kunnen blijven’ Marieke van Doorninck (fractievoorzitter Groen Links en lobbyist bij La Strada International) betoogt dat samenwerking baat heeft bij tegengestelde standpunten; partijen kunnen laten zien waar zij voor staan.
‘Democratie is in bedrijfsmatige context niet noodzakelijk het meest effectief, ik zie wel wat in een vorm van ‘verlicht despotisme’, Jeroen Weimer (partner KPMG Corporate Finance en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen) hekelt de trage besluitvorming in een democratie.
‘Natuurlijk is democratie niet efficiënt. Maar je kunt een samenleving niet runnen met efficiëntie als doel’, Marieke van Doorninck ziet niets in het ‘verlicht despotisme’ van Jeroen Weimer.
‘Samen werken: dus samen aan de slag zijn, werkt heel goed om een team te motiveren’ Jeroen Weimer gaat na de bijeenkomst nog even terug naar kantoor.

‘De onenigheid tussen GroenLinks en VVD zit veelal niet in de doelen, maar in de instrumenten waarmee je die doelen denkt te bereiken’ Marijn Ornstein over veiligheid op straat (belangrijk thema in de recente coalitieonderhandelingen).
‘Samenwerken is een must, het is ook leuk, maar met heel veel scherpte en contrast’, aldus de conclusie van Jeanette Kalfsterman.
Aan het einde van de avond werd er door de aanwezigen nagepraat en genetwerkt onder het genot van drankje en een prachtige zonsondergang. Een verrassend schitterende regenboog gaf de avond nóg meer kleur.
geplaatst op 31/05/2010 om 15:16
door Nicoline Hermans
Over twee weken (op 27 mei) vindt ons seminar over Samenwerken plaats. Vanuit de gedachte dat hier in politiek en bedrijfsleven misschien wel heel anders tegenaan wordt gekeken, hebben we een gesprek georganiseerd tussen vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en uit de politiek die iets kunnen vertellen over dit onderwerp. Gelukkig is de werkelijkheid lekker genuanceerd en wordt het geen wedstrijd politiek versus bedrijfsleven. De sprekers vinden het veel interessanter om te bespreken wat mensen aanzet om samen te werken of wat hen kan tegenstaan. Ook interessant is natuurlijk de vraag of samenwerken uberhaupt wel goed is. Zijn wij Wolven (samenwerken) of Condors (Hele Eenzame Dieren)?
En vindt men de samenwerking in het bedrijfsleven op een andere manier dan in de politiek? Bewonderingswaardig aan politiek is natuurlijk het vermogen om tegenstelling zowel op scherp te stellen als deze later weer te overbruggen. Het bedrijfsleven is, algemeen gesteld, doelgerichter, resultaatgerichter…maar zou af en toe luisteren naar de ander niet kunnen helpen? Deze thema’s en nog meer worden op 27 mei in het hoofdkantoor van ABN AMRO besproken door Duco Adema (tot voor heel kort bestuurder van een stadsdeel in Amsterdam), Marijn Ornstein (VVD gemeenteraadslid en Manager Security Schiphol Group), Marieke van Doorninck (GroenLinks fractievoorzitter Amsterdam), Jeannette Kalfsterman (directeur Getronics Consulting), Jeroen Weimer (partner KPMG Corporate Finance).
Beste lezer, laat weten welke thema’s jij belangrijk vindt bij dit seminar. En wil je erbij zijn? Mail ons of laat hier een reactie achter, dan zorgen we de toegangskaart bij jou terecht komt.
geplaatst op 13/05/2010 om 19:34
door Flores van Emmerik
Of eigenlijk trots en daarna in verwarring…hoe hiermee om te gaan? Als leidinggevende heb ik natuurlijk enorm veel tips gehad over hoe je complimenten moet uitdelen en geleerd dat schouderklopjes belangrijk zijn (gelukkig soms zelf belangrijker dan financiele beloningen) maar niemand heeft mij ooit geleerd hoe je complimenten in ontvangst moet nemen. Moet je dan minzaam glimlachen met een bescheiden oogopslag? En hoe maak je die? Ik bedacht dat ik maar het gezicht moest trekken dat ik op 10jarige leeftijd geleerd had bij slechte kaarten bij het toupen: neutraal lachen en dat dan weer zonder geluid. Zo ongeveer zoals ….nou ja, beste lezers: het kostte me moeite. En wat kreeg ik dan te horen? Vooral zaken over mijn klanten en mijn medewerkers: jullie zijn dus vooral gespecialiseerd in de individuele begeleiding. En heel erg goed in het afspraken nakomen. Het proces is transparant. De vakkundigheid en professionaliteit valt op. Een 100%-score (ja, die hadden we ergens!) bleek ook echt 100% te zijn….kortom: we hebben de audit voor het verlengen van het Blik op Werk keurmerk doorstaan. Dank, kandidaten voor jullie vriendelijkheid en vermogen om banen te vinden/iets uit de sessies te halen. Dank medewerkers, voor het aanbieden ervan!
En daarna stond ik bij een slager op de Overtoom. Voor wie Amsterdam niet kent: de Overtoom is een straat met overwegend nette maar geen uitgesproken chique winkels. De slager was dan ook geen kiloknaller, maar duurder. En beter. Maar minder divers qua assortiment dan sommige hele luxe slagers uit Oud Zuid en ook minder duur….en op de muur hing een rapport van een keuringsinstantie die een 10,0 voor het gehakt had gegeven….de slager stond zelf in de winkel, wisselde met mij een blik van verstandhouding uit. Hij wist niet dat ik een 10,0 voor cluster 3 van blik op werk had gekregen…maar we voelden dat we elkaar aanvoelden. Ik gaf hem maar geen compliment voor zijn winkel, want dan had hij misschien net zulke gekke glimlachen gedaan als ik een uurtje ervoor….
Kortom, voor mijn volgende bezoek zou ik graag tips willen hebben over hoe je complimenten gracieus maar toch ook bescheiden aanvaardt. Zodat ik die aan de beste slager van de Overtoom kan doorgeven.
geplaatst op 28/04/2010 om 20:48
door Flores van Emmerik
Vorige berichten